Mediation

Conflicten

Het begrip conflict heeft in ons dagelijks leven een andere betekenis en een andere lading dan in de wetenschappelijke literatuur over conflicten. Over het algemeen gebruiken mensen het woord conflict pas als een verschil van inzicht flink uit de hand gelopen is. Zolang je niet echt een hekel aan de ander hebt, ook al ben je het met die ander niet eens, dan voelt het meningsverschil in ieder geval niet als een conflict.

Cognitief en affectief

In boeken en artikelen over conflicten ligt dat anders. Zodra je een meningsverschil met iemand hebt, is er theoretisch sprake van een conflict. Een speciaal soort conflict, want je relatie met de andere persoon lijdt niet onder dit conflict. In de literatuur worden deze conflicten cognitieve conflicten genoemd.

Wat als een cognitief conflict (meningsverschil) begon, kan echter gemakkelijk overgaan in een ander soort conflict. Op het moment dat je irritatie voelt, gedachten krijgt in de trant van 'Wat een drammer is het toch' of 'Wat is het toch een egoïst', dan wordt het conflict relationeel. De wetenschappelijke term voor dat type conflict is affectief conflict.

Affectieve conflicten oplossen

Mediators krijgen altijd te maken met conflicten die naast een cognitief element ook een affectief element hebben. Aspecten die een relatie met het affectieve element hebben, zijn de emoties van de betrokkenen, de (vaak vertekende) beelden die ze van elkaar hebben, de (mis)communicatie tussen hen, het geschonden vertrouwen en de aannames die ze doen. Mediaton is in onze overtuiging een zeer complex vak, juist omdat het moeilijk is iets met die affectieve component van het conflict te doen. Het cognitieve deel is op te lossen met afspraken die het resultaat van een onderhandeling zijn, het affectieve deel is moeilijker onderhandelbaar te maken en de resultaten zijn zeker niet in de vorm van afspraken te gieten. Helaas beperken veel mediators zich te zeer tot juist die aspecten van het conflict die wel onderhandelbaar zijn en dat leidt in de praktijk bijna altijd tot een wat dwingend en sturend optreden van de mediator.

Vertrouwen

Er is onderzoek gedaan naar de vraag hoe het komt dat in sommige relaties een cognitief conflict wél omslaat naar een affectief conflict en in andere relaties niet. Cruciaal daarin bleek de mate waarin mensen elkaar vertrouwden. Zolang er vertrouwen in elkaar is, kunnen de gemoederen af en toe best flink verhit raken en kunnen er best onvertogen woorden vallen, het conflict wordt niet affectief. Dit soort felle discussies leiden zelfs vaak tot een versterking van de relatie.

Staat het vertrouwen echter onder druk of is het volledig weg, dan is elk meningsverschil bij voorbaat ook een affectief conflict.Er treedt dan snel escalatie op en heel vaak is het moeilijk de relatie weer goed te krijgen zonder inschakeling van een derde. Soms is de escalatie zo sterk, dat er voor partijen ook geen weg terug meer is. Ze willen of kunnen de energie niet meer opbrengen om het affectieve conflict op te lossen. In dat soort gevallen is de rol van een externe derde (bijvoorbeeld een mediator) vaak het begeleiden van een afscheid (exit-mediation in arbeidsgeschillen en scheidingsbemiddeling bij een stukgelopen relatie). In dit soort gevallen zie je dat de mediator zich vaak wel op het cognitieve deel van het conflict concentreert en toewerkt naar afspraken over het zakelijke deel, bijvoorbeeld ontslagvergoeding, alimentatie, verdeling van spullen, etc.

Helaas geldt ook hier weer dat door die concentratie op het zakelijke soms kansen onbenut blijven. Wij vinden dat met name in scheidingsbemiddeling de kansen op relatieherstel als ouders (want die relatie loopt altijd door) vaak te weinig aandacht krijgen in mediation. In onze eigen mediationpraktijk leggen we ons daar juist wel op toe en hoewel dit allesbehalve eenvoudig is, vinden wij het wel een heel dankbaar aspect van ons vak.